Wanneer de tumor zich in het uiteinde (de staart) van de alvleesklier bevindt, zal jouw arts een alvleesklierstaart resectie uitvoeren. Dit kan soms via een kijkoperatie gebeuren (laparoscopisch). Vaak moet ook de milt worden verwijderd. Reden daarvoor is dat de bloedvaten van de milt vlak langs of door de alvleesklierstaart heen lopen en er belangrijke lymfeklieren in de buurt van de milt moeten worden verwijderd (zie lymfeklierdissectie). Als de milt wordt verwijderd, krijg je een aantal extra vaccinaties en zul je voor een langere tijd antibiotica moeten gebruiken om infecties te voorkomen.
Jouw behandelend arts zal je adviseren om een dergelijke operatie te laten verrichten in een ziekenhuis dat is gespecialiseerd in alvleesklieroperaties. De alvleesklierstaart resectie is namelijk een complexe operatie waarvoor veel kennis en vaardigheden nodig zijn.
Voorafgaand aan de operatie
In de ziekenhuizen die alvleesklieroperaties doen kun je een ‘prehabilitatieprogramma’ volgen. Het heeft als doel je conditie te verbeteren, zodat je beter bestand bent tegen de operatie en er minder kans is op complicaties. Op deze pagina kun je meer lezen over wat prehabilitatie inhoudt.
Ook is het steeds gebruikelijker om zowel voor als na de operatie chemotherapie te geven.
Na de operatie
De alvleesklierstaartresectie is een operatie met kans op complicaties. Er is een risico op bloedingen, infectie, en lekkage van de alvleesklierafvoerbuis. De arts zal dit voorafgaand aan de operatie met je bespreken.
Nadat een deel van je alvleesklier verwijderd is kunnen er veranderingen in de voedselvertering ontstaan door een tekort aan alvleesklierenzymen. Ook kan suikerziekte (diabetes mellitus) ontstaan.

